Gepubliceerd op:
27
september
2018

Marika Vansant (48 jaar) is sinds 2014 halftijds projectanimator in lokaal dienstencentrum De Schijf. Ze is het eerste aanspreekpunt voor de bezoekers van het dienstencentrum en organiseert de activiteiten. Verder zorgt ze er mee voor dat de werking van het dienstencentrum op rolletjes verloopt.

Marika heeft al 10 jaar ervaring als animator. “Eerst werkte ik in dienstencentrum De Smis, op de Leuvensesteenweg. Maar toen mijn collega-animator in De Schijf op pensioen ging, heb ik de overstap gemaakt. De Schijf is voor mij veel dichter bij huis en er werk(t)en ook heel wat mensen die ik ken van uit mijn buurt.”

Wat doe je precies in De Schijf?

“Ik ben vaak het eerste aanspreekpunt voor mensen die De Schijf binnenwandelen: je ziet me regelmatig aan het onthaal zitten, ik organiseer activiteiten, begeleid vrijwilligers, beantwoord telefoons, maak de agenda op, sta in contact met partners en deelnemers van activiteiten enz.”

Hoe ziet jouw werkdag eruit?

“Ik probeer steeds rond 8.30 uur in het dienstencentrum te zijn. Het eerste halfuur zit ik samen met mijn collega’s om de dag te overlopen.

Om 9 uur beginnen mijn effectieve taken. Ik breng de kassa in orde: het geld tellen van de vorige dag van de bar en de kassa voor de inschrijvingen van de activiteiten in orde brengen. Daarna overloop ik de lijst met telefoontjes die zijn binnengekomen s’ morgens, zodat ik o.a. een overzicht krijg van wie er nog heeft afgebeld voor te eten. Tussendoor zijn er sowieso ook nog mensen het dienstencentrum binnengelopen met vragen. Bv. iemand heeft een lokaal gehuurd voor en les en heeft ook nog een beamer nodig. Of iemand nieuw die zich komt aanmelden.

Tussen10 en 11 uur heb ik tijd voor mijn taken als animator: ik maak dan de activiteitenkalender op, doe administratie, leg afspraken vast met vrijwilligers, doe telefoontjes, maak afspraken met partners en deelnemers en regel het hapje voor na de activiteit op donderdag. Want dat hapje wordt hier intern gemaakt. Dit wil zeggen: boodschappenlijst maken en naar de winkel gaan.

Vanaf 11 uur zit ik aan het onthaal voor inschrijvingen van de mensen die komen eten en nadien bestel ik de maaltijden.

Dan is het lunchpauze.

Na de lunch start ik de namiddagactiviteiten mee op en heb ik opnieuw een momentje om mijn werk als projectanimator te doen.

Tussendoor zijn er continu ook nog andere zaken waarmee ik bezig ben: het verkopen van beurtenkaarten voor sportlessen, het beantwoorden van vragen van bezoekers, het begeleiden van vrijwilligers, enz…

Daarbovenop is een andere grote taak, de mensen ontvangen, met hen praten en een keer vragen: “Hoe gaat het met je?”. Want heel vaak zijn onze bezoekers eenzaam thuis en komen ze speciaal naar het dienstencentrum om met anderen contact te hebben. Je voelt dat, die nood. Ik vind het ook heel belangrijk om iedereen bij naam te kennen, zodat ik iedereen persoonlijk kan aanspreken.

Ik probeer voor mijn bezoekers ook te letten op kleine details. Zoals het losmaken van de deur van de badkamer, waar de verpleger de insuline inspuit bij diabetespatiënten. Zodat bezoekers zich niet ongemakkelijk moeten voelen omdat ze dit aan het onthaal moeten komen vragen.

Op donderdagnamiddag om 14.30 uur start de namiddagactiviteit met het hapje die ik mee begeleidt, en deze eindigt rond 17u.

Daarna is het opruimen, kassa maken en tegen ongeveer 17.30u ga ik naar huis.”

Wat vind je zo leuk aan je job? Waar haal je het meeste voldoening uit?

De afwisseling in mijn takenpakket en het contact met de mensen. Maar ook onderling met de collega’s hebben we een heel goede band met elkaar. Mijn collega’s hebben allemaal een heel warm hart, en het is fijn om tussen hen te mogen werken.

Welke leuke projecten/evenementen zitten er nog aan te komen?

“Een mooi project in oktober waar ik naar uitkijk is het project “Visite”. Dit is een creatief project in samenwerking met een lagere school uit de buurt waarbij kinderen en ouderen samen gaan tekenen onder begeleiding van een externe. Activiteiten met kinderen zijn altijd een succes in het dienstencentrum.”